Vergroen de omgeving

Parken, bomen, heggen, groendaken of groene wanden in de publieke ruimte hebben een positief effect op het microklimaat. Ze koelen de omgeving af tijdens de zomer, vangen water op tijdens (stort)buien en helpen de biodiversiteit in stand houden.
Vergroen de omgeving

Hiermee pak je volgende uitdagingen aan:

Hoe richt ik mijn omgeving gezond in

Zo pak je het aan

Men voorspelt dat tegen 2050 minstens 70% van de wereldbevolking in stedelijk gebied zal wonen. Hierdoor zullen steden steeds meer met luchtverontreiniging en het hitte-eilandeffect worden geconfronteerd. Overheden hebben vele mogelijkheden om de gevolgen daarvan in te perken:

  • creëer (mini)parken,
  • plant inheemse bomen,
  • leg groene, autoluwe wandel- en fietsroutes aan,
  • vergroot de boomspiegels en zorg voor onderbeplanting,
  • zet vaste planten rond parkeerterreinen,
  • leg groene schoolpleinen aan,
  • leg wadi’s of waterpleinen aan,
  • voorzie gevelbeplanting,
  • leg groen-/blauwdaken aan,
  • ga voor ontharding of waterdoorlatende verharding,
  • bouw natuur inclusief,

Tips

  • Planten of bomen kunnen de luchtcirculatie belemmeren en zorgen dat verontreinigde lucht niet weg kan. Vooral in zogenaamde street canyons (smalle straten met hoge gebouwen) moet hiermee rekening worden gehouden.
  • Onderzoek toont aan dat mensen die in een groene omgeving wonen over het algemeen socialer zijn en zich rustiger, gelukkiger en gezonder voelen

Meer weten

Groen kan de luchtkwaliteit in steden op 3 manieren beïnvloeden:

  • directe invloed op luchtconcentraties door depositie
  • beïnvloeding van luchtstromingen
  • indirecte vermindering van uitstoot, doordat een groene omgeving alternatieven voor de auto stimuleert, zoals wandelen of fietsen. Waar veel ruimte voor groen wordt gemaakt blijft bovendien minder plaats over voor gemotoriseerd verkeer. 

Bomen filteren de vervuilde lucht doordat er stofdeeltjes aan de buitenste waslaag van een blad blijven plakken (d.i adsorptie) en gassen (o.a. NO2) via de huidmondjes in het blad worden vastgehouden (d.i. absorptie). Voor de adsorptie van fijnstof zijn naaldbomen beter geschikt, terwijl loofbomen beter zijn voor de absorptie van NO2. Een groot bladoppervlak is voor beide gunstig. Permanent groene bomen hebben uiteraard een groter effect dan bomen die hun bladeren in de winter verliezen. Het positieve effect van bomen op de luchtkwaliteit is echter beperkt in vergelijking tot de verkeersemissies die door het verkeer wordt uitgestoten. Meer informatie vind je in het document "gezonde leefomgevingen creëren: focus op luchtkwaliteit" van het Departement Omgeving.

Luchtcirculatie bomen

Bomen filteren niet alleen de lucht maar hebben ook een grote impact op de luchtcirculatie. Ze verlagen namelijk de windsnelheid waardoor de afvoer van vervuilde lucht wordt verhinderd. Hun negatieve impact op de luchtcirculatie is helaas veel groter dan hun luchtzuiverend effect. 

Was deze informatie nuttig?